Waar komen die oude straat-, gehucht-en wijknamen vandaan?

U kent ze ongetwijfeld, zoals: Hage, Beek, Effen, Lies, Overveld, Vroente, Westrik, de Rijt, Kapelakkers, Nekkerspoel, Regenbeemd, de Rith, Westrik, Gareelspaan etc.? De toponymist Christ Buiks heeft hier de afgelopen 30 jaar onderzoek naar gedaan en het resultaat neergelegd in een ruim 2400 bladzijden tellend boek (8 delen). Hij houdt hierover een lezing in Museum de Rijf op woensdg 27 maart a.s.. In deze lezing vertelt hij hierover en hun historische betekenis. Veldnamen zijn de namen van gehuchten, dorpen, akkers, bossen, weiden, beemden, straten , afzonderlijke bomen, hekken, etc. Het gebruik van de veldnamen was vroeger noodzakelijk om allerlei redenen. De boer moest zijn familie of knechten kunnen zeggen op welk van zijn 10 of 20 percelen er werk te doen viel. De belastingen(verpondingen, cijnsen) zouden helemaal niet geind kunnen worden als de percelen geen naam zouden hebben, althans in de periode voordat het kadaster werd ingevoerd(1832). Daarom zijn er in de loop der eeuwen duizenden veldnamen verzonnen. Die namen geven eigenlijk de visie van de mens op het landschap van eeuwen geleden. Ze zijn niet allemaal bewaard gebleven, maar vanaf de 15e eeuw komen ze veel voor in de bronnen. Die bronnen zitten in de archieven en zijn van allerlei aard. Verkoop- en hypotheekacten, belastingboeken, leen -en cijnsboeken,notariele archieven, advertenties in oude kranten etc.

Als we een naam vinden in die bronnen ,moeten we ook nog gaan zoeken waar het toponiem precies ligt, want in oude bronnen staan alleen maar vage omschrijvingen. Dat wordt pas anders na 1832,toen elk perceel een letter en nummer kreeg,b.v. A32 en er bijbehorende kadasterkaarten werden getekend,waarop dit op te zoeken was.

Woensdag 27 maart 19.30 uur in Museum de Rijf, Brielsedreef 39a, Prinsenbeek

Toegang voor leden heemkundekring Op de Beek gratis; niet leden betalen: € 2,50.

Meer berichten